Bob de Bouwer? Rob de Bouwer!

Als talent de ruimte krijgt

Rob de Bouwer is Rob Kortekaas. De man waarmee ik samen beheerder van de Ruïne van Brederode ben. Hij is de bouwer van twee supergave tentoonstellingen op de Ruïne. In juni hadden we de tentoonstelling ‘IJzersterk Brederode’ over het harnas, helmen en wapens. En gedurende de hele zomervakantie hebben we ‘Brederode in Playmobil’ met honderden poppetjes die de geschiedenis van Brederode uitbeelden. Honderden poppetjes? in totaal meer dan 2.500 poppetjes.

Het begon ruim twee jaar geleden met zijn droom om het grootste Playmobil-leger te bouwen. Zijn doel? Kinderen enthousiasmeren om naar de Ruïne te komen. Voeg daar het verhaal aan toe en zie hoe het groeide. Het grootste Playmobil-leger is de beroemde slag bij Azincourt geworden waar Ridder Jan van Brederode om het leven kwam. Engeland won met een minderheid van de Fransen dankzij hun longbow-schutters. Bij de Hoekse en Kabeljauwse Twisten speelde Brederode een belangrijke rol, waardoor kasteel Brederode verwoest werd door woedende Haarlemmers. Willem van Brederode was namelijk de aanvoerder van Jacoba van Beieren bij het beleg van Haarlem. Tot de hoogtepunten uit de Gouden Eeuw – met de inmiddels bekende zwarte rand met betrekking tot de slavernij – behoort het 10-daagse Haags Huwelijk van Johan Wolfert van Brederode met Louise van Solms, waardoor hij de zwager werd van de Prins van Oranje. Er was een stoet van maar liefst 300 historische personages. En Rob vervulde een van mijn wensen: om de Floris-Driehoek zichtbaar te maken: met drie Playmobil-kastelen. Muiderslot als het meest bekende kasteel van graaf Floris V. De Ridderzaal die Floris liet bouwen voor zijn grafelijk slot op het Binnenhof als zijn meest onbekende kasteel en Kasteel Brederode, nu zijn grootste Kasteelruïne, waar Floris de leenheer van was. Iedereen zal begrijpen dat wij het betreuren dat Floris uit de Nederlandse Canon gaat verdwijnen. Floris is een belangrijke grondlegger van het huidige Nederland. Hij richtte de oudste bestuursvorm in Nederland op: de waterschappen en legde dijken aan. Hij werd ‘Der Keerlen God’ genoemd: God van de kerels, de gewone man.

Het is Rob die deze geweldige collectie met hulp van anderen bij elkaar heeft weten te brengen en “plaatjes” mee bouwt om van te smullen. Samen met grote mannen die de grondplaten op maat hebben gezaagd, kastelen hebben gebouwd en samen met een kleine man van 11 jaar poppetjes van de juiste kleding, wapens en details hebben voorzien. 

Maar Rob de Bouwer was toch voorbestemd om slager te worden?

Zijn opa was slager en had een goedlopende slagerij. Zijn moeder koos met hart en ziel voor het meewerken in de slagerij in plaats van doorgaan met school. Rob lacht als hij het verhaal vertelt dat zijn opa dreigde met dat zijn moeder in de zaak moest komen werken als ze niet beter haar best deed op school. Daar hoefde ze geen twee keer over na te denken. Zijn vader hielp met de schoonmaak van de slagerij als hij klaar was met zijn werk en Rob was van jongs af aan in de slagerij te vinden. Vanaf zijn tiende jaar werkte hij mee als leerling-slager. Worst maken, zelfs helpen bij de slacht. Hij draaide zijn hand er niet voor om. Natuurlijk ging hij naar een vakgerichte opleiding: het Francois Vatel in Den Haag en haalde zijn diploma voor slager. De cijfers waren uitstekend. De vooruitzichten veelbelovend. Tot hij vijftien geworden was en op een kwade dag zijn opa plotseling in het ziekenhuis werd opgenomen en aan het einde van de dag overleed. De wereld van zijn moeder en van Rob stortte in. De zaak werd overgenomen door zijn oom, omdat hij de oudste zoon was. De man die juist geen hart voor het slagersvak had moest het roer overnemen. De zaak ging failliet. Zijn moeder ging bij een andere slagerij werken. Rob raakte zo jong als hij was het spoor kwijt, zette zichzelf weer op het slagerspad en ging aan het werk als slager bij andere slagerijen om vervolgens jarenlang een uitstekend betaalde vleesbewerker voor de Bacon-industrie te worden. 

Hoe wordt een slager de beheerder van de Ruïne van Brederode?

De zaak van zijn opa was een droom die ruw uit elkaar spatte. De vleesindustrie was een zware realiteit. Rob werd fotograaf en bedrijfsleider van diverse winkels. Tijdens een vakantie in Engeland ontmoette hij op een kasteel Longbowman. Een man in middeleeuwse kleding die alles kon vertellen over boogschieten op een prachtig kasteel. Dat werd zijn nieuwe droom. 

Het middeleeuws boogschieten werd zijn passie en groeide uit tot zijn eigen bedrijf: Kasteelschutters. Met zijn eigen middeleeuwse boogschietbaan trok hij langs kastelen als Muiderslot en Loevestein. Op Loevestein was hij de leukste attractie en werd hij gevraagd om het jaarlijkse Riddertoernooi te organiseren. Tot we in 2016 onze kwaliteiten samenvoegden en ons eigen evenement in Den Haag organiseerden: met Ridders en Paarden op het Binnenhof, een historisch kampement langs de Hofvijver en Koninginnen in de Paleistuin. Samen solliciteerden we naar de functie van beheerders op de Ruïne van Brederode om het historisch erfgoed vol verhalen tot leven te brengen.

Het is bijzonder om van dichtbij te zien hoe de Ruïne andere talenten van Rob aanwakkert. Daarvoor letterlijk ruimte biedt. Om te verzamelen (een van de kwaliteiten van zijn moeder) en te bouwen (een grote kwaliteit van zijn vader) en te delen met zoveel mogelijke mensen (een kwaliteit van zijn opa de ondernemer).

Rob de Bouwer…

Kunnen we het maken?

Al die poppetjes. Grote Jan die blijft om te helpen. Kleine Hanne die naar huis belt dat hij toch echt later komt. 

De Tentoonstelling ‘Brederode in Playmobil’ is in de zomervakantie te zien van 8 juli t/m 30 augustus. Ik heb er voor kinderen een speurtocht bij gemaakt, waar je natuurlijk een 10 voor kunt halen! Van woensdag t/m zondag tussen 11.00 en 17.00 uur. Reserveren via de website www.ruinevanbrederode.nl.

Is er ruimte voor jouw talent?

songtekst Bob The Builder 

 Bob de Bouwer
Kunnen wij het maken?
Bob de Bouwer
Nou en of!!

Scoop, Muck en Dizzie, en Rollie ook
Liftie en Wendy
gaan weer loos
Bob en zijn maatjes maken lol
werken ze samen, is niks ze te dol

Bob de Bouwer
Kunnen wij het maken?
Bob de Bouwer
Nou en of!!

Eigenwijs Talent

Moeten wij hen in het gareel zien te krijgen?

Op het moment dat zij zich bij ons aanmeldde als vrijwilliger voor de Ruïne van Brederode stal zij mijn hart. Een meisje van vijftien jaar met grote heldere ogen, een passie voor geschiedenis en natuur. ‘Alleen op school liep het allemaal niet zo lekker,’ kreeg ik even later van mijn partner en medebeheerder te horen. Hij had nog met haar doorgepraat terwijl ik aan de slag moest met mijn andere werkzaamheden. Hm, een meisje met een krachtige handdruk dat zoveel initiatief toont op deze leeftijd?

Op een mooie zondagmiddag liep zij met mij mee met de Kinderrondleiding en vulde mij naadloos aan bij de toren met de kerker toen ik vertelde dat er destijds alleen lijfstraffen werden gegeven en geen opsluit-straffen. ‘Opsluiten kost geld,’ klonk het op de stenen trap. Boven ons torende een meisje uit. Een meisje dat haar stem laat horen. 

Zaterdag 6 juni ging de Ruïne van Brederode weer open. Op een gegeven moment stonden we samen bij de poort om de reserveringen van bezoekers te checken. Ze vertelde mij dat ze zich grote zorgen maakt over of ze mag overgaan. Vorig jaar was ze teruggegaan van twee Gymnasium naar twee Atheneum. Haar beta-vakken waren in orde, maar niet de alpha-vakken: Frans en Duits wilden maar niet lukken. Terwijl zowel Grieks als Latijn voldoende waren. Zelfs vakken zijn die haar erg aanspreken, maar die vakken mocht ze niet houden op het Atheneum. 

Haar teleurstelling was nog steeds voelbaar om een jaar lang opnieuw de vakken te moeten herhalen die je al beheerst en het blijvende gevecht met de vakken waar je geen aanleg voor lijkt te hebben. 

Ze vertelde dat ze haar verjaardag vieren niet leuk vindt. Omdat er dan allemaal familie op bezoek komt die vraagt hoe het gaat op school en goede adviezen probeert te geven, zoals tenminste een uur per dag aan je huiswerk moeten besteden.

Haar vader heeft zelf uiteindelijk gekozen voor een praktijkopleiding en heeft haar gevraagd of ze dat misschien ook liever wil. Maar wat ze wil is terug naar het Gymnasium. Het was haar zelfs gelukt dit jaar alle vakken op voldoende niveau te krijgen. Tot Corona uitbrak en digitaal huiswerk maken niet aansluit bij hoe zij leert op haar eigen-wijze manier. Extra werk aanpakken: dat is wat ze het liefste doet. Zo vooruit werken dat ze twee maanden voorligt op de anderen. Ze lacht, want als ze twee maanden voorligt dan stopt ze, omdat de uitdaging weg is. Ze maakt zich zorgen. Niet alleen over het overgaan, maar ook over haar vriend die van school moet. Hij is op school de enige vriend van dit eigen-wijze meisje.

Oh, al die potentie die ervan afspat en het gevecht om toch te proberen in de vakjes te passen: door te mogen gaan.

Wat is je droom? 

Ze wil geschiedenis studeren. Grieks en Latijn sluiten daar zo mooi bij aan. Het is niet verplicht om op de universiteit toegelaten te worden, maar haar ogen beginnen te stralen. Het is overduidelijk dat het haar honger naar kennis van de oude culturen voedt en kennelijk sluit het technisch vertalen wel goed aan bij haar beta-hersenen. Een technisch meisje! Maar ze moet nog een algemeen jaar door voor ze een bijpassend profiel kan kiezen. Zou het lukken om haar docenten te overtuigen om haar over te laten gaan en terug te laten gaan naar het Gymnasium als ze hen over haar droom vertelt?

‘Of misschien staan ze open voor het feit dat Corona op mij zo van invloed is geweest,’ zegt ze. ‘Want als ik niet mag overgaan betekent het dat ik alleen afgerekend word op hoe ik mijn huiswerk heb gemaakt tijdens de Corona-periode. Voor Corona was alles voldoende.’ 
‘Dat is zeker ook een sterk argument,’ zeg ik. 
Ze lacht. Ze heeft door haar ‘natuur-clubje’, zoals ze het noemt, goed leren discussiëren door alle vergaderingen. Het bijwonen van de vergaderingen was zwaar, maar leren vergaderen was echt nuttig. 

Corona en overgang: ik speur op het internet naar ‘overgangsregeling’ en vind een bijzonder goed onderbouwd artikel op de website van Onderwijsconsument, het OCO in Amsterdam. ‘Geen gezamenlijk antwoord op Corona: 12 scholen, 12 verschillende aanpassingen op overgangsregeling’, geplaatst door Tahrim Ramdjan.

OCO heeft 28 Amsterdamse scholen met zo’n 40.000 leerlingen voor voortgezet onderwijs benaderd met vragen over eventuele wijzigingen van hun bevorderingsregels dit schooljaar 2019-2020, als gevolg van de coronacrisis. Twaalf scholen hebben gereageerd en zijn als volgt zijn ingedeeld:

  1. Scholen die minimaal afwijken van de bevorderingsregeling
  2. Scholen die de bespreekzone hebben opgerekt
  3. Scholen waar iedereen, met een goed plan, over mag

De conclusie is dat iedere school zijn eigen aanpassing heeft geregeld op de overgangsregeling.

Ook wordt in dit artikel gesteld dat doubleren al langer ter discussie staat. “Al in 2015 bracht de onderwijsinspectie een rapport uit, waarin bijna de helft van de Nederlandse scholen aangaf te twijfelen over het huidige systeem van doubleren. Hoe nuttig is het om een heel schooljaar over te doen, zelfs in vakken die je gewoon had gehaald? Daarbij blijkt de helft van de zittenblijvers ten tijde van het vorige decennium afgestroomd te zijn.”

Het OCO pleit in Amsterdam voor stadsbrede afspraken om rechtsongelijkheid te voorkomen: alle leerlingen over te laten gaan in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en mbo. Zonder afstroom, met over de tijd gespreide realistische inhaalprogramma’s.

Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap(OCW) maakt het mogelijk zomer- of herfstscholen aan te bieden met een extra subsidieregeling.

Zou het advies van OCO in onze hoofdstad Amsterdam overgenomen kunnen worden door alle andere VO-scholen in Nederland?

Ik hoop het en duim dat de leraren het talent van onze jonge vrijwilligster een kans gaan geven, zodat ze haar vleugels kan gaan uitslaan. Voor nu en in de toekomst haar weg kan bewandelen!

En anders? Is er dan nog een weg te gaan?
Een uitweg:

De Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) behandelt klachten over bevordering en doorstroming, zie de website onderwijsgeschillen.nl

Want ja, elke school mag op dit moment zelf de overgangsnormen vastellen.

Ken jij iemand die is blijven zitten en wat waren de gevolgen? Wil je jouw verhaal delen?

Hoe ontdek je talent?

Talent dat heb je toch?
Ja, maar hoe kom je erachter?
En hoe ontdekte het ‘duivelskind’ haar talent?

Als je talent bijvoorbeeld zingen of voetballen is, heb je een grote kans om dat te ontdekken, want als je zingt kan iedereen je horen en wie weet niet wat voetbal is? Voor zingen heb je niets nodig en welk kind heeft er geen bal? Maar wat als je talent het bespelen van de panfluit is? Hoe kun je daar achterkomen? Wie geeft jou dat zetje, zodat het vuur ontstoken wordt? De motor gestart wordt van talentontwikkeling?

1. Ouders

Niet voor niets bestaan de spreekwoorden: ‘Een appel valt niet ver van de boom’ en ‘Jong geleerd, oud gedaan’. Werkervaring, interesses en contacten van de ouder kan van jongs af aan doorgegeven worden aan het kind. Daarmee is de ouder een van de belangrijkste aanvoerders van kinderen. 

Maar wat als het kind een ander talent heeft dan de ouder?
Dan is de ouder in deze tijd nog steeds de eerste verantwoordelijke om zijn/haar kind te stimuleren. Om in aanraking te komen met verschillende sporten of muziekinstrumenten. Natuur, tekenen, techniek… Het is essentieel dat de ouder het kind meeneemt, zodat het kind spelenderwijs de wereld kan ontdekken en daardoor zijn of haar talent.
Zo kwam het kind dat meegenomen werd door zijn moeder naar een opendag van de Muziekacademie Den Haag erachter dat hij panfluit wilde spelen. Zijn moeder komt uit Roemenië, maar heeft niets met de traditionele muziek. Via haar zoon leert zij nu deze muziek waarderen.

De onvoorwaardelijke steun van ouders is onmisbaar. De ouders van Jason van der Hulst en Dani Coret brengen hun zoons overal heen in Nederland. Foto: Henk Knoester

2. School

Scholen staan op een goede tweede plaats om je talent te ontdekken. Wij graag schrijft of rekent komt op de basisschool goed tot zijn recht. Scholen hebben sinds 1900 nog steeds als opdracht het bijbrengen van de vaardigheden taal en rekenen. Hierop wordt het studieadvies voor de vervolgopleiding gebaseerd. Een kleiner deel van de scholen (611 van 6700) behoort tot het ‘vernieuwingsonderwijs’ dat uitgaat van de belevingswereld van het kind, waaronder de Montessorischolen en de Vrijescholen. Een positieve ontwikkeling is dat scholen steeds meer de talentontwikkeling van kinderen belangrijk vinden en voor een uitgebreider aanbod zorgen: waaronder de bredeschool. Zij maken deel uit van mijn droom dat de jongste kinderen spelenderwijs in aanraking komen met verschillende disciplines. De middenbouw introductielessen krijgt en kinderen in de bovenbouw aan de slag kunnen met hun keuze. Dankzij het mogen organiseren met Talentenloods van Muziekintroductie
op de basisschool Essesteijn met als een van de onderdelen Blaasinstrumenten, koos een van de jongens, Laurens van Oost, voor trompet. Sinds 2019 is hij de trompettist bij de Hermes House Band.