Bob de Bouwer? Rob de Bouwer!

Als talent de ruimte krijgt

Rob de Bouwer is Rob Kortekaas. De man waarmee ik samen beheerder van de Ruïne van Brederode ben. Hij is de bouwer van twee supergave tentoonstellingen op de Ruïne. In juni hadden we de tentoonstelling ‘IJzersterk Brederode’ over het harnas, helmen en wapens. En gedurende de hele zomervakantie hebben we ‘Brederode in Playmobil’ met honderden poppetjes die de geschiedenis van Brederode uitbeelden. Honderden poppetjes? in totaal meer dan 2.500 poppetjes.

Het begon ruim twee jaar geleden met zijn droom om het grootste Playmobil-leger te bouwen. Zijn doel? Kinderen enthousiasmeren om naar de Ruïne te komen. Voeg daar het verhaal aan toe en zie hoe het groeide. Het grootste Playmobil-leger is de beroemde slag bij Azincourt geworden waar Ridder Jan van Brederode om het leven kwam. Engeland won met een minderheid van de Fransen dankzij hun longbow-schutters. Bij de Hoekse en Kabeljauwse Twisten speelde Brederode een belangrijke rol, waardoor kasteel Brederode verwoest werd door woedende Haarlemmers. Willem van Brederode was namelijk de aanvoerder van Jacoba van Beieren bij het beleg van Haarlem. Tot de hoogtepunten uit de Gouden Eeuw – met de inmiddels bekende zwarte rand met betrekking tot de slavernij – behoort het 10-daagse Haags Huwelijk van Johan Wolfert van Brederode met Louise van Solms, waardoor hij de zwager werd van de Prins van Oranje. Er was een stoet van maar liefst 300 historische personages. En Rob vervulde een van mijn wensen: om de Floris-Driehoek zichtbaar te maken: met drie Playmobil-kastelen. Muiderslot als het meest bekende kasteel van graaf Floris V. De Ridderzaal die Floris liet bouwen voor zijn grafelijk slot op het Binnenhof als zijn meest onbekende kasteel en Kasteel Brederode, nu zijn grootste Kasteelruïne, waar Floris de leenheer van was. Iedereen zal begrijpen dat wij het betreuren dat Floris uit de Nederlandse Canon gaat verdwijnen. Floris is een belangrijke grondlegger van het huidige Nederland. Hij richtte de oudste bestuursvorm in Nederland op: de waterschappen en legde dijken aan. Hij werd ‘Der Keerlen God’ genoemd: God van de kerels, de gewone man.

Het is Rob die deze geweldige collectie met hulp van anderen bij elkaar heeft weten te brengen en “plaatjes” mee bouwt om van te smullen. Samen met grote mannen die de grondplaten op maat hebben gezaagd, kastelen hebben gebouwd en samen met een kleine man van 11 jaar poppetjes van de juiste kleding, wapens en details hebben voorzien. 

Maar Rob de Bouwer was toch voorbestemd om slager te worden?

Zijn opa was slager en had een goedlopende slagerij. Zijn moeder koos met hart en ziel voor het meewerken in de slagerij in plaats van doorgaan met school. Rob lacht als hij het verhaal vertelt dat zijn opa dreigde met dat zijn moeder in de zaak moest komen werken als ze niet beter haar best deed op school. Daar hoefde ze geen twee keer over na te denken. Zijn vader hielp met de schoonmaak van de slagerij als hij klaar was met zijn werk en Rob was van jongs af aan in de slagerij te vinden. Vanaf zijn tiende jaar werkte hij mee als leerling-slager. Worst maken, zelfs helpen bij de slacht. Hij draaide zijn hand er niet voor om. Natuurlijk ging hij naar een vakgerichte opleiding: het Francois Vatel in Den Haag en haalde zijn diploma voor slager. De cijfers waren uitstekend. De vooruitzichten veelbelovend. Tot hij vijftien geworden was en op een kwade dag zijn opa plotseling in het ziekenhuis werd opgenomen en aan het einde van de dag overleed. De wereld van zijn moeder en van Rob stortte in. De zaak werd overgenomen door zijn oom, omdat hij de oudste zoon was. De man die juist geen hart voor het slagersvak had moest het roer overnemen. De zaak ging failliet. Zijn moeder ging bij een andere slagerij werken. Rob raakte zo jong als hij was het spoor kwijt, zette zichzelf weer op het slagerspad en ging aan het werk als slager bij andere slagerijen om vervolgens jarenlang een uitstekend betaalde vleesbewerker voor de Bacon-industrie te worden. 

Hoe wordt een slager de beheerder van de Ruïne van Brederode?

De zaak van zijn opa was een droom die ruw uit elkaar spatte. De vleesindustrie was een zware realiteit. Rob werd fotograaf en bedrijfsleider van diverse winkels. Tijdens een vakantie in Engeland ontmoette hij op een kasteel Longbowman. Een man in middeleeuwse kleding die alles kon vertellen over boogschieten op een prachtig kasteel. Dat werd zijn nieuwe droom. 

Het middeleeuws boogschieten werd zijn passie en groeide uit tot zijn eigen bedrijf: Kasteelschutters. Met zijn eigen middeleeuwse boogschietbaan trok hij langs kastelen als Muiderslot en Loevestein. Op Loevestein was hij de leukste attractie en werd hij gevraagd om het jaarlijkse Riddertoernooi te organiseren. Tot we in 2016 onze kwaliteiten samenvoegden en ons eigen evenement in Den Haag organiseerden: met Ridders en Paarden op het Binnenhof, een historisch kampement langs de Hofvijver en Koninginnen in de Paleistuin. Samen solliciteerden we naar de functie van beheerders op de Ruïne van Brederode om het historisch erfgoed vol verhalen tot leven te brengen.

Het is bijzonder om van dichtbij te zien hoe de Ruïne andere talenten van Rob aanwakkert. Daarvoor letterlijk ruimte biedt. Om te verzamelen (een van de kwaliteiten van zijn moeder) en te bouwen (een grote kwaliteit van zijn vader) en te delen met zoveel mogelijke mensen (een kwaliteit van zijn opa de ondernemer).

Rob de Bouwer…

Kunnen we het maken?

Al die poppetjes. Grote Jan die blijft om te helpen. Kleine Hanne die naar huis belt dat hij toch echt later komt. 

De Tentoonstelling ‘Brederode in Playmobil’ is in de zomervakantie te zien van 8 juli t/m 30 augustus. Ik heb er voor kinderen een speurtocht bij gemaakt, waar je natuurlijk een 10 voor kunt halen! Van woensdag t/m zondag tussen 11.00 en 17.00 uur. Reserveren via de website www.ruinevanbrederode.nl.

Is er ruimte voor jouw talent?

songtekst Bob The Builder 

 Bob de Bouwer
Kunnen wij het maken?
Bob de Bouwer
Nou en of!!

Scoop, Muck en Dizzie, en Rollie ook
Liftie en Wendy
gaan weer loos
Bob en zijn maatjes maken lol
werken ze samen, is niks ze te dol

Bob de Bouwer
Kunnen wij het maken?
Bob de Bouwer
Nou en of!!

Onvermoed Talent

Of toch niet?

(wil je reageren? klik dan eerst op het artikel om te lezen, dan verschijnt het reactieblok er keurig onder!)

Opeens hadden we vorig seizoen een nieuwe jongste vrijwilliger op de Ruïne van Brederode: een 11-jarig jongetje. Hanne, die niet genoeg van geschiedenis kan krijgen. Hij luistert en vertelt daarna met het grootste gemak aan de bezoekers wat hij weet. Een groot spreektalent!  Maar deze blog gaat niet over hem, maar over zijn vader Jeroen. Hij bracht een geweldig groot zelfgebakken desembrood voor ons mee naar de familie-bbq. Gebakken met meel van molen De Zandhaas, die sinds eeuwen verbonden is met de Ruïne, omdat de Heer van Brederode windrecht bezat en dus recht had op meel. Iedereen smulde ervan en was gul met complimenten. Dit nieuwe seizoen volgde er een bruine zak vol heerlijke bolletjes met zaden en vruchtjes en wilde ik er weleens meer van weten. Afgelopen zaterdag kwam het er eindelijk van: ik stapte op de fiets om zijn kleine bakkerij te bezoeken. 

In de veronderstelling dat zijn bakkerij direct naast de molen lag troffen we elkaar toevallig bij de molen. Jeroen had net verse broden voor de verkoop afgeleverd – met de bakfiets natuurlijk – en stond op het punt om weer naar zijn eigen bakkerij te gaan. Zo fietsten we naast elkaar en kon ik mooi de eerste vragen stellen. Hoelang hij al bakker was en natuurlijk hoe hij bakker was geworden. 

Hij was nu twee jaar bakker. En daarvoor?

Jeroen vertelde dat hij na zijn HTS eerst zeven jaar civiel ingenieur was geweest. Vervolgens de academie voor bouwkunst had gedaan en 12 jaar stedebouwkundige was geweest bij een ingenieursbureau. Van het begin af aan had hij altijd vier dagen gewerkt. Die vier dagen had hij in het begin opgedeeld in drie dagen voor het ingenieursbureau en één dag bij een bakker in Zwanenburg. Vier dagen werken? Ook ik had steeds vier dagen gewerkt om tijd te kunnen investeren om op mijn pad te komen. Een vijfde dag voor je zelf geeft je de gelegenheid om je eigen koers te varen!

We waren gearriveerd en stapten af bij zijn bakkerij in een straatje dat zo smal was dat het meer een steeg was. Twee grote deuren stonden wijd open. Hanne en zijn moeder vingen de klanten op. Ook tijdens ons gesprek, zodat ik hem het hemd van het lijf kon vragen. Jeroen toonde trots de houten trog waar hij het meel met zijn handen tot deeg kneed. Gemaakt door een timmervrouw! De rijskasten, de ovens, de toonbank met de broden. Alles zag er even verzorgd en aantrekkelijk uit. 

De trog gemaakt door een timmervrouw

Maar hoe wordt een ingenieur een bakker?

Een pijnlijk eerlijk antwoord volgde: het was de dood van hun dochtertje dat hem terug naar de basis bracht. Hij had van alles aangepakt. Ze hadden zelfs een moestuin gehad. Hij had hout gehakt voor de houtkachel. Hij wilde zelfvoorzienend leven en het was het brood dat hem bleef boeien. 

En dan kan ik hem nauwelijks bijhouden met schrijven. De woorden stromen. Ik schrijf zo snel als ik kan op: mooi resultaat, mooi product, genieten, zelf en anderen, hoe mooi het op tafel staat. Het proces van droge bloem, meel, zout, water, mooie magie… en dan: ‘ik hou ervan’.

Ik vraag of er een overeenkomst is met zijn interesses vroeger als hij terugkijkt. Jeroen schudt zijn hoofd. Hij vond tekenen wel leuk en zo kwam hij op technisch tekenen en HTS. Maar dan voegt zijn vrouw zich bij ons in het gesprek. ‘Toen je 15 jaar was kookte je voor het hele gezin, omdat je moeder een hernia had.’ Jeroen knikt. Ja, koken vond hij altijd al leuk, maar dat was gewoon.

Ze voegt er een aan toe: ‘Als je een vis beoordeelt op in een boom klimmen, dan zal hij nooit weten hoe goed hij is in zwemmen.’ Het is een mooie variatie op de uitspraak van de beroemde wetenschapper Einstein. ‘Iedereen is een genie, maar als je een vis beoordeelt op zijn vermogen om in een boom te klimmen, zal hij zijn leven lang denken dat hij nutteloos is.’ 

Jeroen geniet van zijn werk als bakker. Op donderdagochtend kneden zijn handen het deeg van de vloerbroden. Op vrijdag plaatst hij het deeg in de broodvormen. ‘s Avonds bakt hij van 21.00 – 01.00 de grote broden en op zaterdagmorgen van 6.00-8.00 uur de kleine broden, waarvan de geur zich verspreid bij de gelukkige omwonenden.

Op donderdagavond en vrijdagmiddag werkt hij bij een andere bakker. Daarnaast is hij twee dagen molenaar in opleiding.

Molenaar bij molen De Zandhaas?

Dat wist ik nog niet. Dan klopt het helemaal: dat hij brood bij de Ruïne kwam brengen. De molenaar moest immers een deel van zijn meel aan de Ruïne afstaan? Alleen betaal ik nu met liefde voor dit (h)eerlijke brood. Maar wacht… ik krijg toch een brood mee: een proefexemplaar. Een desembrood dat hij buiten de rijskast heeft laten rijzen. Het is nog niet helemaal naar zijn zin: het is te plat. Maar ik vind het eerste resultaat geweldig. Vooral omdat er minder energie voor nodig is. In plaats van 24 tot 40 uur rijzen per brood in de rijskast is er slechts 15 uur voor nodig buiten de rijskast. Dit is echt terug naar de basis! Jeroen is voor mij een duurzaam talent, die een pluim verdient!

Benieuwd? Combineer op zaterdag een bezoek aan de Ruïne van Brederode, korenmolen De Zandhaas en  een bezoek aan zijn kleine bakkerij aan de Uitendaalstraat 12 in Santpoort-Zuid. Zijn ambachtelijke bakkerij Jeroen Engel is op zaterdag geopend van 9.00-11.00 uur, molen de Zandhaas is van 10.00 – 17.00 uur geopend en ligt aan de Wüstelaan 83. De Ruïne van Brederode is geopend van 11.00 – 17.00, ingang Velserenderlaan 2. Voor een bezoek aan de Ruïne moet vanwege Coronamaatregelen gereserveerd worden via de website ruinevanbrederode.nl.

NB 1: Het scheelde voor Jeroen dat hij nooit een hoog salaris had verdiend. Hij verdient nu ongeveer hetzelfde. Dat maakte de overstap gemakkelijk.

NB 2: De volgende dag was het Vaderdag. Wat kreeg Jeroen van zijn zoon Hanne? Een zelfgebakken taart  én Hanne heeft ‘s avonds het eten verzorgd. Hij zei er wel bij dat het een broodmaaltijd zou worden. De appel… 

NB3: Willem Buser is op de Ruïne in de huid gekropen van Willem de Koekenbakker. Om zijn rol zo goed mogelijk uit te kunnen beelden ging hij mee naar de bakkerij van Jeroen. Over Willem komt in augustus een aparte blog. Wat denken jullie dat het beroep is van Willem in zijn dagelijkse leven?

Ambachtelijk Bakker Jeroen Engel met zijn zoon Hanne en figurant Koekenbakker Willem Buser

Heb jij van jouw talent je werk kunnen maken?

Talentvolle jongeren betrekken via Maatschappelijke Stage en Dienst

Voor Talentenloods ben ik al weer volop bezig met het projectplan 2021: het organiseren van het Open Podium voor de jeugd in Theater Ludens. Het wordt het achtste jaar van de succesvolle formule: Open Podium-avonden met een Slotbijeenkomst.
Natuurlijk wordt het een nieuw jaar met Corona-proof maatregelen én we willen ons gaan verbinden met de maatschappelijke stage van het Voortgezet Onderwijs. Uh, nee: maatschappelijke dienst. Nee: maatschappelijke stage én maatschappelijke dienst.
Wat is het een en wat is het ander?

Maatschappelijke stage

In onze gemeente Leidschendam-Voorburg levert een eerste inventarisatieronde een zeer divers beeld op ten aanzien van maatschappelijke stage:

Het Dalton Vatel voor Lyceum, HAVO, MAVO, VBO en LWOO heeft alleen een maatschappelijke stage in 4 VMBO T. De stage is onderdeel van een praktische opdracht voor het vak Maatschappijleer. 

Op het Maartenscollege doen alle leerlingen mee. In 3 mavo een week achter elkaar ingeroosterd rond eind september. In 4 HAVO en 5 VWO lopen de leerlingen stage tot aan de meivakantie, maar dan in eigen tijd. Alle leerlingen lopen 30 uur stage en is een verplicht onderdeel voor het examenjaar.

Het categoraal Gymnasium NOVUM heeft voor alle leerlingen in het 4e jaar de maatschappelijke stage van 30 uur. 

Het Corbulo College heeft geen maatschappelijke stage, maar houdt het bij de beroepsgerichte stages die aansluiten bij hun VMBO-opleiding gericht op techniek. Drie weken in het derde leerjaar: bijvoorbeeld bij garages en de bouw. Het is fijn om even bij te praten. Mijn contactpersoon, docente Antoinette, vertelt nog hoe lastig het is voor haar praktijkgerichte leerlingen om wel weer naar school te mogen, maar op dit moment geen machines mogen gebruiken door de Corona-maatregelen. En er staan echt veel mooie machines op hun school. 

Het Veurs Lyceum met MAVO, HAVO, Atheneum en Gymnasium heeft de maatschappelijke stage afgeschaft. 

En dan komen we bij het Veurs Voorburg. Een vmbo-school dat basis, kader en GTL (gemengde Theoretische Leerweg) met en zonder LWOO (leerwegondersteuning) aanbiedt. De maatschappelijke stage is voor het derde jaar, waarbij de leerlingen twee keer vier uur stage lopen. Meestal is het een dagdeel in een woonzorgcentrum of verzorgingstehuis.

En de maatschappelijke dienst?

Dat gaan zij ook doen! Met de tweede klassers.
Het verbaast me niet dat juist deze school eraan meedoet. Zo doen ze ook jaarlijks mee aan het Hospice-diner om geld voor Hospice het Vliethuys op te halen. In de eerste editie heb ik zelfs nog opgetreden, terwijl de leerlingen de gerechten serveerden van gerenommeerde restaurants. De koks stonden in de grote keuken van de school de heerlijkste gerechten klaar te maken. Ik ging na afloop een kijkje nemen en speelde vervolgens ook voor hen een lied op mijn accordeon, waardoor ik bij restaurant Savelberg mocht komen eten.
Op persoonlijke uitnodiging van meesterkok Henk Savelberg, omdat ik vanwege het optreden nog niets gegeten had.
Het is dus deze school die mee gaat doen aan de pilot Maatschappelijke Dienst in onze gemeente.   

Het eerste Hospice-diner Veurs Voorburg 2012, foto: Hein Athmer
Hospice diner 2012 Veurs Voorburg, foto: Hein Athmer. Klik hier voor zijn recente fotoreportage Hospice-diner.

Maar hoe zit het dan met Maatschappelijke Stage?

De maatschappelijke stage was vanaf 2011 een verplicht onderdeel voor het voortgezet onderwijs. De stage was het gevolg van een internationale trend waarin ‘actief inzetten voor de samenleving’ gekoppeld werd aan ‘leren en ontwikkeling’. De stage was gekoppeld aan non-profit organisaties. En zonder stage? Geen diploma!

Tot 2014. Staatssecretaris Sander Dekker van de VVD verantwoordde het afschaffen door aan te geven dat scholen zelf hun onderwijs moeten kunnen inrichten en niet verplicht moeten worden. Op het argument dat het een bezuiniging zou zijn gaf hij als antwoord dat er in plaats van 55 miljoen (in het debat wordt zelfs gesproken over 75 miljoen) voor uren maatschappelijke stage er 100 miljoen vrije ruimte voor scholen beschikbaar was.
De staatssecretaris verwachtte niet dat scholen de stage niet meer zouden aanbieden omdat het niet meer verplicht zou zijn, extra regelwerk vraagt of duurder is dan reguliere lesuren. De maatschappelijke stage bleef een volwaardig en erkend programmaonderdeel in het voortgezet onderwijs.  Je kunt dus nog steeds stageplekken aanbieden!

Waarom is Maatschappelijke Dienst ingevoerd?

De invoering van Maatschappelijke Dienst komt door de veranderde samenstelling van het kabinet: Rutte III, waarin naast de VVD en D66 het CDA en de Christenunie in zijn vertegenwoordigd. De Maatschappelijke diensttijd is door het CDA ingebracht.
De ChristenUnie wilde in principe zelfs Maatschappelijke Dienstplicht, maar het is Maatschappelijke Dienst geworden. Het paradepaardje van staatssecretaris Paul Blokhuis van de ChristenUnie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport. 

Wat is Maatschappelijke Dienst?

Op de website van Rijksoverheid staat het volgende:

Tijdens de maatschappelijke diensttijd leer je iets nieuws en doe je daarbij iets voor een ander. Bijvoorbeeld door te helpen bij de Reddingsbrigade en zo te zorgen voor een veilige zee en veilig strand. De diensttijd is vrijwillig en start vanaf februari 2020. Tot die tijd oefenen organisaties en jongeren met de maatschappelijke diensttijd.

Ervaring en beloning

Tijdens de maatschappelijke diensttijd doe je nieuwe ervaringen op bij een organisatie, zoals een restaurant of jeugdzorgorganisatie. Je leert iets nieuws, zoals koken, met machines werken of een evenement organiseren. Je kunt zo ontdekken welke studie of wat voor werk je wilt gaan doen. Je leert bijvoorbeeld door te sporten met jongeren met jongeren met een ander geloof. Tijdens de maatschappelijke diensttijd doe je iets voor een ander.

De overheid is aan het onderzoeken op welke manieren je nog meer beloond gaat worden voor de maatschappelijke diensttijd. Voorbeelden van beloningen zijn:

  • een vrijwilligersvergoeding (een bedrag van maximaal 170,- per maand is toegestaan) 
  • een diploma, zoals een EHBO-certificaat
  • een training, zoals een taalcursus
  • kortingen, voor bijvoorbeeld een concertkaart

Stand van zaken op dit moment

  • de maatschappelijke diensttijd is voor alle jongeren toegankelijk
  • het betreft jongeren tussen 14 en 27 jaar 
  • het is niet verplicht, maar vrijwillig
  • minstens 80 uur
  • minimaal 2 weken, maximaal 6 maanden

Wil je (veel) meer weten? Kijk dan op de website van ZonMW.

Doe mee met MDT: voor jongeren

Er is inmiddels een website voor jongeren waar ze hun MDT-project kunnen vinden: doemeemetmdt.nl. In twee minuten kunnen ze hun ideale MDT-project vinden door zes vragen in te vullen.  Maar ja, dan moeten wij als organisaties natuurlijk wel zorgen dat we er bij staan!

Doe mee met MDT: meedoen als organisatie

Ben je als organisatie geïnteresseerd in MDT vul dan in 10 minuten de adviestool in.

Eén pilot Maatschappelijke Dienst zal dus het Veurs Voorburg betreffen.
En wij willen graag de pilot als Talentenloods ondersteunen. De Veurs Voorburg-leerlingen motiveren om hun talent in te zetten en het talent van jongeren in onze gemeente een extra impuls te geven!

Doe je ook mee? Kan jouw organisatie jongeren ook een Maatschappelijke Dienst-plek bieden om hun (Maatschappelijk) Talent te ontdekken en in te zetten?

NB: Wil je reageren op deze blog? Klik dan bovenaan op het artikel, dan verschijnt onderaan het blok waar je een reactie in kunt plaatsen. Ik stel je reactie zeer op prijs.

Eigenwijs Talent

Moeten wij hen in het gareel zien te krijgen?

Op het moment dat zij zich bij ons aanmeldde als vrijwilliger voor de Ruïne van Brederode stal zij mijn hart. Een meisje van vijftien jaar met grote heldere ogen, een passie voor geschiedenis en natuur. ‘Alleen op school liep het allemaal niet zo lekker,’ kreeg ik even later van mijn partner en medebeheerder te horen. Hij had nog met haar doorgepraat terwijl ik aan de slag moest met mijn andere werkzaamheden. Hm, een meisje met een krachtige handdruk dat zoveel initiatief toont op deze leeftijd?

Op een mooie zondagmiddag liep zij met mij mee met de Kinderrondleiding en vulde mij naadloos aan bij de toren met de kerker toen ik vertelde dat er destijds alleen lijfstraffen werden gegeven en geen opsluit-straffen. ‘Opsluiten kost geld,’ klonk het op de stenen trap. Boven ons torende een meisje uit. Een meisje dat haar stem laat horen. 

Zaterdag 6 juni ging de Ruïne van Brederode weer open. Op een gegeven moment stonden we samen bij de poort om de reserveringen van bezoekers te checken. Ze vertelde mij dat ze zich grote zorgen maakt over of ze mag overgaan. Vorig jaar was ze teruggegaan van twee Gymnasium naar twee Atheneum. Haar beta-vakken waren in orde, maar niet de alpha-vakken: Frans en Duits wilden maar niet lukken. Terwijl zowel Grieks als Latijn voldoende waren. Zelfs vakken zijn die haar erg aanspreken, maar die vakken mocht ze niet houden op het Atheneum. 

Haar teleurstelling was nog steeds voelbaar om een jaar lang opnieuw de vakken te moeten herhalen die je al beheerst en het blijvende gevecht met de vakken waar je geen aanleg voor lijkt te hebben. 

Ze vertelde dat ze haar verjaardag vieren niet leuk vindt. Omdat er dan allemaal familie op bezoek komt die vraagt hoe het gaat op school en goede adviezen probeert te geven, zoals tenminste een uur per dag aan je huiswerk moeten besteden.

Haar vader heeft zelf uiteindelijk gekozen voor een praktijkopleiding en heeft haar gevraagd of ze dat misschien ook liever wil. Maar wat ze wil is terug naar het Gymnasium. Het was haar zelfs gelukt dit jaar alle vakken op voldoende niveau te krijgen. Tot Corona uitbrak en digitaal huiswerk maken niet aansluit bij hoe zij leert op haar eigen-wijze manier. Extra werk aanpakken: dat is wat ze het liefste doet. Zo vooruit werken dat ze twee maanden voorligt op de anderen. Ze lacht, want als ze twee maanden voorligt dan stopt ze, omdat de uitdaging weg is. Ze maakt zich zorgen. Niet alleen over het overgaan, maar ook over haar vriend die van school moet. Hij is op school de enige vriend van dit eigen-wijze meisje.

Oh, al die potentie die ervan afspat en het gevecht om toch te proberen in de vakjes te passen: door te mogen gaan.

Wat is je droom? 

Ze wil geschiedenis studeren. Grieks en Latijn sluiten daar zo mooi bij aan. Het is niet verplicht om op de universiteit toegelaten te worden, maar haar ogen beginnen te stralen. Het is overduidelijk dat het haar honger naar kennis van de oude culturen voedt en kennelijk sluit het technisch vertalen wel goed aan bij haar beta-hersenen. Een technisch meisje! Maar ze moet nog een algemeen jaar door voor ze een bijpassend profiel kan kiezen. Zou het lukken om haar docenten te overtuigen om haar over te laten gaan en terug te laten gaan naar het Gymnasium als ze hen over haar droom vertelt?

‘Of misschien staan ze open voor het feit dat Corona op mij zo van invloed is geweest,’ zegt ze. ‘Want als ik niet mag overgaan betekent het dat ik alleen afgerekend word op hoe ik mijn huiswerk heb gemaakt tijdens de Corona-periode. Voor Corona was alles voldoende.’ 
‘Dat is zeker ook een sterk argument,’ zeg ik. 
Ze lacht. Ze heeft door haar ‘natuur-clubje’, zoals ze het noemt, goed leren discussiëren door alle vergaderingen. Het bijwonen van de vergaderingen was zwaar, maar leren vergaderen was echt nuttig. 

Corona en overgang: ik speur op het internet naar ‘overgangsregeling’ en vind een bijzonder goed onderbouwd artikel op de website van Onderwijsconsument, het OCO in Amsterdam. ‘Geen gezamenlijk antwoord op Corona: 12 scholen, 12 verschillende aanpassingen op overgangsregeling’, geplaatst door Tahrim Ramdjan.

OCO heeft 28 Amsterdamse scholen met zo’n 40.000 leerlingen voor voortgezet onderwijs benaderd met vragen over eventuele wijzigingen van hun bevorderingsregels dit schooljaar 2019-2020, als gevolg van de coronacrisis. Twaalf scholen hebben gereageerd en zijn als volgt zijn ingedeeld:

  1. Scholen die minimaal afwijken van de bevorderingsregeling
  2. Scholen die de bespreekzone hebben opgerekt
  3. Scholen waar iedereen, met een goed plan, over mag

De conclusie is dat iedere school zijn eigen aanpassing heeft geregeld op de overgangsregeling.

Ook wordt in dit artikel gesteld dat doubleren al langer ter discussie staat. “Al in 2015 bracht de onderwijsinspectie een rapport uit, waarin bijna de helft van de Nederlandse scholen aangaf te twijfelen over het huidige systeem van doubleren. Hoe nuttig is het om een heel schooljaar over te doen, zelfs in vakken die je gewoon had gehaald? Daarbij blijkt de helft van de zittenblijvers ten tijde van het vorige decennium afgestroomd te zijn.”

Het OCO pleit in Amsterdam voor stadsbrede afspraken om rechtsongelijkheid te voorkomen: alle leerlingen over te laten gaan in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en mbo. Zonder afstroom, met over de tijd gespreide realistische inhaalprogramma’s.

Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap(OCW) maakt het mogelijk zomer- of herfstscholen aan te bieden met een extra subsidieregeling.

Zou het advies van OCO in onze hoofdstad Amsterdam overgenomen kunnen worden door alle andere VO-scholen in Nederland?

Ik hoop het en duim dat de leraren het talent van onze jonge vrijwilligster een kans gaan geven, zodat ze haar vleugels kan gaan uitslaan. Voor nu en in de toekomst haar weg kan bewandelen!

En anders? Is er dan nog een weg te gaan?
Een uitweg:

De Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) behandelt klachten over bevordering en doorstroming, zie de website onderwijsgeschillen.nl

Want ja, elke school mag op dit moment zelf de overgangsnormen vastellen.

Ken jij iemand die is blijven zitten en wat waren de gevolgen? Wil je jouw verhaal delen?

Praktijk Talent

Wel een diploma, maar nog geen wet?

Op een aantal Praktijkscholen is een diploma uitgereikt in plaats van een certificaat. De wet is er bijna doorheen dat ook deze leerlingen recht hebben op een diploma. De jongeren zijn er superblij mee. ”Nu horen ze erbij”, zeggen ze letterlijk. Kijk maar eens naar de geïnterviewde jeugd op de nieuwssite van de NOS:
“Sommige mensen zeiden dat ik niks kon, maar nu heb ik een diploma.”

Er zijn 176 scholen voor Praktijkonderwijs met in totaal ruim 29.000 leerlingen.
Hoorden zij er eerst niet bij?

Diploma-uitreiking Praktijkcollege Kolom

Wat is Praktijkonderwijs?

Na de basisschool ga je naar het VWO, HAVO, VMBO of Praktijkonderwijs.
Op de website van onderwijsconsument staat dat Praktijkonderwijs is voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben en leerlingen voorbereidt op makkelijk werk. Maar wat is makkelijk werk? Wat makkelijk werk is voor de een, is moeilijk werk voor de ander. Het is voorbereiden op werk op hun eigen niveau.

Een goede uitleg vind je op de pagina van de Rijksoverheid. Alle leerlingen volgen een eigen ontwikkelplan waarbij een keuze gemaakt wordt uit de vakken: Nederlands, Rekenen/wiskunde, Engels, Ik en de maatschappij, Techniek, Dienstverlening en zorg, Horeca en voeding, Logistiek en verkoop, Groen- en dierverzorging, Culturele kunstzinnige vorming. De opleiding duurt in principe 5 jaar. Ze krijgen naast theoretisch onderwijs en beroepspraktijkvorming ook zelfredzaamheidstraining, persoonlijkheidsvorming en arbeidsvaardigheden. Leerlingen kunnen ook naast hun opleiding diploma’s halen van branche-opleidingen. Na het afronden van de opleiding gaat een groot deel van de leerlingen aan het werk. Een deel stroomt door naar het mbo.

Maar wat als we niet een stap voorwaarts doen, maar we gaan een stap terug? Naar de basisschool Wie zijn de leerlingen die naar het Praktijkonderwijs gaan? Op de website van Praktijkonderwijs staat de volgende informatie.

Praktijkonderwijs is bedoeld voor leerlingen van 12 t//m 18 jaar die moeite hebben met leren op de traditionele manier. In het praktijkonderwijs leren leerlingen niet alleen uit boeken en online, maar vooral door te doen. In de praktijk dus. De basisschool geeft alle leerlingen van groep 8 een advies mee voor het voortgezet onderwijs. Leerlingen met het advies praktijkonderwijs hebben in vergelijking met leeftijdsgenoten vaak een achterstand, met name op het gebied van taal en rekenen. Het IQ van de Praktijkschoolleerling ligt tussen 55 en 80. De leerling heeft een leerachterstand van drie jaar of meer op twee van de volgende domeinen:

  • Inzichtelijk rekenen
  • Begrijpend lezen
  • Technisch lezen
  • Spellen

Maar hoe zou de situatie zijn als de basisschool al praktijkgericht onderwijs zou aanbieden op de diverse interessegebieden die in het Praktijkonderwijs worden aangeboden, zoals Dienstverlening en zorg, Horeca en voeding en Culturele kunstzinnige vorming? Als de basisschool daar ook op zou toetsen in plaats van alleen Taal en Rekenen de bepalende factoren te laten zijn voor het vervolgonderwijs?

Wat is IQ?

Op Wikipedia is een uitgebreide uitleg te vinden over intelligentiemeting. De reden dat het gemiddelde IQ van de bevolking precies op 100 ligt is omdat alle testresultaten worden omgerekend naar een IQ waar het gemiddelde op 100 ligt met een standaardafwijking van 15. Intelligentietests worden zo ontworpen dat IQ-scores bij benadering ‘normaal verdeeld’ zijn. Maar wat wordt gemeten en hoe? Wat zegt het? Interessant is dat herhaalde proeven bij eenzelfde persoon uitwijzen uit dat de testuitslag soms tot twintig punten kan afwijken van een eerdere testuitslag, met verschillende oorzaken, zoals een slechte gezondheid, vermoeidheid, stress en concentratieproblemen door gewenning aan materiaal en situatie.

Psycholoog Loes van Aken pleit voor hernieuwde aandacht voor theorievorming over intelligentie. IQ is wat de IQ-test meet.

Omdat IQ-tests niet gebaseerd zijn op hoe ons brein informatie verwerkt, zegt een IQ-score bovendien niets over het leervermogen van een patiënt of leerling. Terwijl juist dat vermogen veel vertelt over hoe een behandeling of lesmethode aan zal slaan. ‘De nu beschikbare IQ-tests zeggen weinig tot niets over het leervermogen. Daarom is het op dit moment vooral IQ wat de IQ-test meet’, aldus Van Aken.

Om terug te komen op de indeling van het IQ van de leerling om toegelaten te worden voor Praktijkonderwijs moet liggen tussen 50 en 80. Wat zegt dat over de leerling?

IQ van 50-80 betekent volgens deze indeling: van een lichtelijke verstandelijke beperking tot benedengemiddeld/zwakbegaafd? Moet dat niet gekoppeld worden aan wat wordt gemeten? Want een IQ-test test niet alles. In principe wordt getest op:

  • Verbale intelligentie
  • Numerieke intelligentie
  • Logische intelligentie
  • Ruimtelijke intelligentie
Een voorbeeld uit een gebruikelijke IQ-test waar een Praktijkonderwijs-leerling lager door zou scoren

Op de site van Testcentrum Groei wordt echter aangegeven dat er volgens de psycholoog Gardner 10 soorten intelligenties zijn:

  • Verbaal-linguïstische intelligentie
  • Logisch-wiskundige intelligentie
  • Visueel-ruimtelijke intelligentie
  • Lichamelijk-kinesthetische intelligentie
  • Muzikaal-ritmische intelligentie
  • Interpersoonlijke intelligentie
  • Intrapersoonlijke intelligentie
  • Naturalistische intelligentie
  • Existentiële intelligentie
  • Morele intelligentie 

Alles hierboven pleit voor het ontwikkelen van een Meervoudige intelligentietest, die Gardners 10 intelligenties kan meten. Daarmee komen dan de talenten/de intelligenties van iedereen in beeld en niet alleen van die mensen die hoog scoren in een standard IQ test.  Maar daar gaat het mis. Het blijkt tot nu toe namelijk niet mogelijk om valide en betrouwbare tests te ontwikkelen. Onder andere daardoor zijn er professionals die de theorie van Gardner verwerpen. Zij zien bepaalde intelligentieconstructen zoals “Lichamelijk-kinesthetische intelligentie” als een vaardigheid in plaats van een te onderscheiden intelligentie

Stel je voor dat je kind op de basisschool niet mee kan komen met de taal- en rekenvaardigheden. Zijn of haar hele schoolleven de boodschap meekrijgt een zwakke leerling te zijn. Terwijl zijn of haar talent in de praktijk ligt? Het lukt ruim de helft van de leerlingen die praktijkonderwijs hebben gevolgd om daarna een diploma te behalen. 1 op de 4 weet zelfs een mbo-2-diploma of hoger te halen. Dat percentage (23 procent) is boven verwachting hoog. (bron: Radar Avro Tros)
Wat zegt dat over het huidige basisonderwijs?

De diplomawet komt er aan. Nog even wachten.
Ondertussen stromen er duizenden jongeren op hun 18e de praktijk in en vormen zij letterlijk de basis waarop onze samenleving kan draaien. ‘Wat denkt u?’, zegt directeur Sjaak de Ridder van Kolom, Praktijkcollege Noord tegen de interviewer van de NOS die op hun school is komen filmen: ‘U komt ze overal tegen, supermarkt, techniek, onderhoud, reiniging, gemeente plantsoenendienst, winkels, logistiek, hier bij de haven.’ Op zijn school wordt de wet dan ook niet afgewacht. De diploma’s worden uitgereikt. Een moment om trots op te zijn.

Ken jij een Praktijk Talent?

VWO-er die ook van praktijk houdt: Youtubekanaal Tomosfamilily

Foute voedingsbodem voor talent?

Met verbazing luister ik naar mijn 17-jarige zoon: 6ix9ine heeft in één dag het wereldrecord verbroken: meer dan 43 miljoen views in 24 uur met zijn hiphopvideo GOOBA. Terwijl iedereen dacht dat zijn carrière in één klap over zou zijn, omdat ‘ie z’n vrienden gesnitcht had. Hij staat zelfs bekend als de Snitch. Hm? Wie is 6ix9ine? GOOBA? Snitch?

Dat waren drie makkelijke vragen. 
Hij is de Snitch omdat hij zijn vrienden verraden heeft en zo zijn gevangenisstraf van mogelijk 47 jaar heeft weten om te zetten in maar twee jaar. En dankzij Corona de laatste drie maanden in huisarrest met een enkelband. En daar staat ‘ie mee in z’n nieuwste hiphopvideo GOOBA. 

‘Wil je het zien, mama?’

En daar verschijnt 6ix9ine rappend in onze huiskamer. Compleet met enkelband. Alsof er een verfmachine door zijn kamer rondgeslingerd is. Alle kleuren van de regenboog zijn op de muren beland en in zijn haar met dreadlocks. En voor die vrolijke muren rapt hij grove teksten met een onschuldig jong en knap gezicht met op zijn voorhoofd een grote 69. Eén van de meer dan 200 tatoeages op zijn hele lichaam. Het decor is seksueel aangekleed met grote schuddende vrouwenbillen in evenzo vrolijk gekleurde niets verhullende broekjes. Zijn talent spat letterlijk van het scherm af. Ongelooflijk wat een fout talent!

Volgens zijn eigen woorden zegt hij dat we hem niet moeten veroordelen, omdat we de dingen nooit uit zijn perspectief hebben gezien. Dat hij, Daniel Hernandez, daarom heeft gekozen voor het getal 69. Als je het omdraait blijft het 69. Op Instagram schreef hij zelfs: ‘Open je hart en geest’. Als ik het internet naspeur vind ik een uitgebreid artikel in het AD van Tine Kintaert (12 mei 2020) en in Focus-Knack.be van Geert Zegers (3 maart 2020). Hierin wordt een tip van de sluier opgelicht waarom wij hem niet zouden moeten veroordelen. Zijn vader is een Puerto Ricaan en zijn moeder is een Mexicaanse immigrante met grote gezondheidsproblemen. Daniel wordt in 1996 geboren in New York: in de wijk Bushwick, waar zo’n 70% van de 85.000 bewoners Hispanics zijn en 15% ‘zwarten’. Historisch gezien behoorde Bushwick tot één van de gevaarlijkste delen van de stad. Daniel groeit op in armoede. Zijn vader laat hun gezin in de steek als hij 8 jaar is. Op zijn dertiende wordt zijn stiefvader, zijn superheld, op klaarlichte dag doodgeschoten. Op enkele straten van zijn huis, waar Daniel op hem zit te wachten. ‘Hij wilde alleen maar goed doen. Zijn dood was het moment waarop ik me realiseerde dat het leven een spel is. En dat het geen nut heeft de superheld te spelen. Je kunt beter de slechterik zijn.’ Hij wordt met een zware depressie en een posttraumatische stressstoornis in het ziekenhuis opgenomen. Op zijn veertiende stopt Daniel met school en gaat hij werken om zijn moeder financieel te helpen. Hij komt in de drugshandel terecht, zoals zoveel jongens uit zijn omgeving. Op zijn zeventiende wordt zijn vriendin zwanger. Hij woont op dat moment in een klein appartement: samen met zijn moeder, zijn vriendin en zijn broer met zijn vriendin. Voor Daniel is de oplossing: zoveel mogelijk geld verdienen: als rapper. 

Zou hij in Nederland zijn geboren was de kans veel kleiner geweest dat zijn stiefvader vermoord was. Zijn moeder zou financiële ondersteuning gekregen hebben als ze niet voor zichzelf en haar kinderen kon zorgen. Dan had hij niet voor zijn moeder hoeven te gaan werken. En had hij met zijn 13 jaar van school kunnen wegblijven? Natuurlijk kun je hier ook in een foute scene terecht komen, maar de kans is wel kleiner. Hoe kom je eigenlijk in de criminaliteit? Google biedt me als eerste een zeer beknopte beschrijving aan van schooltv.

‘De meeste onderzoekers gaan er vanuit dat er niet één theorie is voor crimineel gedrag, maar dat het komt door een optelsom van factoren. Volgens sommige onderzoekers, (aanvulling: waaronder de Britse criminoloog Adrian Raine), heeft criminaliteit vaak te maken met biologische kenmerken. Uit een onderzoek bleek dat kinderen die zich asociaal gedragen vaak een lagere hartslag hebben. Ze durven meer op het spel te zetten, maken zich minder druk over de gevolgen van hun daden en zijn niet bang voor straf. Een andere theorie is de aangeleerd-gedrag-theorie. Volgens de Amerikaanse geleerde Sutherland worden jongeren vaker crimineel door als ze veel omgaan met jongeren die dat al zijn. Ze worden crimineel door foute vrienden, foute familie of opgroeien in een foute buurt. En dan is er nog de anomie-theorie. Als je in je leven niet bereikt wat je wilt, je haalt bijvoorbeeld je diploma’s niet en je hebt geen werk, dan ben je volgens deze theorie gevoeliger voor crimineel gedrag.’

In het geval van Daniel lijkt het dus voor de hand te liggen dat de aangeleerd-gedrag-theorie de belangrijkste oorzaak is van zijn criminele bestaan, gecombineerd met een grote dosis lef en zijn Social Media-talent. Zijn drugsleven vormt een spannende bron van inspiratie die hij live deelt op Instagram en hem 15 miljoen volgers oplevert. Met onder andere drugsdeals, schietpartijen en achtervolgingen. Als hij vervolgens de muziekwereld instapt is dat niet omdat hij perse rapper wil worden: ‘ik dacht gewoon aan muziek, omdat iedereen zei dat ik er ‘mad cool’ uitzag.’ 

En ook ik vind dat hij er ‘mad cool’ uitziet met al die tatoos. Eigenlijk lijkt hij op zijn geboortewijk met nauwelijks lege muren. Dankzij de streetart behoort het nu tot de hipste wijken van NY.

6ix9ine uit videoclip GOOBA
Streetart Buswick, NY

6ix9ine is 24 jaar, slechts 1.60 meter en heeft de onschuldige blik van een kind. Is hij een crimineel? Dat is nauwelijks te geloven. Kwam het daardoor dat de rechter hem niet veroordeelde voor het gebruiken van een 13-jarig meisje in zijn clip voor seksuele handelingen met mannen? Daniel kwam weg met de verklaring dat hij dacht dat ze negentien jaar was. Hij was toen zelf 18 jaar. De straf die hij kreeg was met begrip voor de voedingsbodem, echt om hem te helpen: hij moest vier jaar uit de problemen blijven, zijn middelbare schooldiploma halen, in therapie gaan en hij mocht niet op instagram sex of gewelddadige content plaatsen. En slechts een paar jaar later? Hoe is het mogelijk dat een samenzwering tot moord en andere delicten, tezamen goed voor maar liefst 47 jaar, slechts twee jaar gevangenisstraf is geworden door snitchen? En hij de laatste drie Corona-maanden thuis mag doorbrengen, omdat hij last heeft van Astma? Een videoclip kan opnemen met enkelband om en het wereldrecord kan verslaan met 43 miljoen views in 24 uur?

6ix9ine met enkelband in zijn videoclip GOOBA


Laten we het eens omdraaien, zoals hij vraagt.
Dan zien we niet een vrolijk gekleurde boel
maar een gitzwarte achtergrond
Dan zien we geen vrolijk figuurtje 
en nog meer vrolijke figuurtjes
maar de moordenaar van zijn stiefvader
en nog meer moordenaars
zien we één groot monster
en Daniël is doodstil, huilt hij
zonder dat iemand hem hoort?

Maar als we 69 omdraaien
blijft het hoe dan ook hetzelfde
fout

Hoe zorgen we voor een goede voedingsbodem voor onze jeugd?

Hoe ontdek je talent?

Talent dat heb je toch?
Ja, maar hoe kom je erachter?
En hoe ontdekte het ‘duivelskind’ haar talent?

Als je talent bijvoorbeeld zingen of voetballen is, heb je een grote kans om dat te ontdekken, want als je zingt kan iedereen je horen en wie weet niet wat voetbal is? Voor zingen heb je niets nodig en welk kind heeft er geen bal? Maar wat als je talent het bespelen van de panfluit is? Hoe kun je daar achterkomen? Wie geeft jou dat zetje, zodat het vuur ontstoken wordt? De motor gestart wordt van talentontwikkeling?

1. Ouders

Niet voor niets bestaan de spreekwoorden: ‘Een appel valt niet ver van de boom’ en ‘Jong geleerd, oud gedaan’. Werkervaring, interesses en contacten van de ouder kan van jongs af aan doorgegeven worden aan het kind. Daarmee is de ouder een van de belangrijkste aanvoerders van kinderen. 

Maar wat als het kind een ander talent heeft dan de ouder?
Dan is de ouder in deze tijd nog steeds de eerste verantwoordelijke om zijn/haar kind te stimuleren. Om in aanraking te komen met verschillende sporten of muziekinstrumenten. Natuur, tekenen, techniek… Het is essentieel dat de ouder het kind meeneemt, zodat het kind spelenderwijs de wereld kan ontdekken en daardoor zijn of haar talent.
Zo kwam het kind dat meegenomen werd door zijn moeder naar een opendag van de Muziekacademie Den Haag erachter dat hij panfluit wilde spelen. Zijn moeder komt uit Roemenië, maar heeft niets met de traditionele muziek. Via haar zoon leert zij nu deze muziek waarderen.

De onvoorwaardelijke steun van ouders is onmisbaar. De ouders van Jason van der Hulst en Dani Coret brengen hun zoons overal heen in Nederland. Foto: Henk Knoester

2. School

Scholen staan op een goede tweede plaats om je talent te ontdekken. Wij graag schrijft of rekent komt op de basisschool goed tot zijn recht. Scholen hebben sinds 1900 nog steeds als opdracht het bijbrengen van de vaardigheden taal en rekenen. Hierop wordt het studieadvies voor de vervolgopleiding gebaseerd. Een kleiner deel van de scholen (611 van 6700) behoort tot het ‘vernieuwingsonderwijs’ dat uitgaat van de belevingswereld van het kind, waaronder de Montessorischolen en de Vrijescholen. Een positieve ontwikkeling is dat scholen steeds meer de talentontwikkeling van kinderen belangrijk vinden en voor een uitgebreider aanbod zorgen: waaronder de bredeschool. Zij maken deel uit van mijn droom dat de jongste kinderen spelenderwijs in aanraking komen met verschillende disciplines. De middenbouw introductielessen krijgt en kinderen in de bovenbouw aan de slag kunnen met hun keuze. Dankzij het mogen organiseren met Talentenloods van Muziekintroductie
op de basisschool Essesteijn met als een van de onderdelen Blaasinstrumenten, koos een van de jongens, Laurens van Oost, voor trompet. Sinds 2019 is hij de trompettist bij de Hermes House Band.